INLEIDING

 

Vanaf de doorbraak van de industriële revolutie, rond het einde van de achttiende eeuw, begon Groot-Brittannië een vooraanstaande rol te spelen in de westerse kunst. Met enige vereenvoudiging kan men stellen dat de beeldende kunst er voordien bepaald werd door van het continent geïmmigreerde kunstenaars en ingevoerde kunstwerken.  Vlaamse en Nederlandse schilders als Peter Paul Rubens,  Antoon van Dyck, Daniël Mijtens, Jan Griffier en Peter Lely werkten in opdracht van de Britse vorsten en de aristocratie.

De vijandige houding van de puriteinen t.a.v. de beeldende kunst was de belangrijkste oorzaak van het ontbreken van Britse schilders. Immigranten en invloeden zouden ook later een grote rol spelen maar er ontstond vanaf omstreeks 1750 een herkenbare Britse traditie. Die ontwikkeling viel samen met de vorming van wat de 'eerste moderne maatschappij' wordt genoemd. Gestuurd door een doorgedreven liberalisme en beïnvloed door een opkomende klasse van ondernemers en handelaars, bracht die moderne maatschappij een nieuwe verhouding tot de kunsten met zich mee. Zoals al vaak is aangetoond, ontstond in die periode een nieuw publiek voor de kunst, een kader waarin de kunstenaars nieuwe mogelijkheden vonden om hun werk aan de man te brengen.

In het Britse kunstleven van de achttiende tot de twintigste eeuw heeft het niet aan pogingen ontbroken om via de creatie van officiële instellingen en het publiceren van theoretische werken een nationale school naar continentaal voorbeeld tot stand te brengen. De oprichting van dc Royal Academy en de geschriften van Joshua Reynolds zijn daar de bekendste voorbeelden van. 

In vijf lessen maken we een reis door de Britse kunstgeschiedenis.

Eerst de inleiding over de Britse kunst voor 1750. 

Daarna het vertrouwde landschap met de schilders John Constable (1776-1837) en George Stubbs (1724-1806).  William Hogarth (1697-1764) tekent en graveert series als A Rake's Progress en The Harlot's Progress. moraliserend en satirisch van aard.


Het visionaire is het daaropvolgende thema met de fantastische werken van William Blake 1757-1827 en Henry Fuseli (1741-1825 Johann Heinrich Füssli).

 

In de 19 de eeuw komt de maatschappij in beweging: Nieuwe thema's komen aan bod bij de werken van Ford Madox Brown (1821-1903), William Morris(1834-1896) John Ruskin (1819-1900). De Prerafaëlieten  opgericht door William Holman Hunt (1827-1910), John Everett Millais  (1829-1896) en Dante Gabriel Rossetti (1828-82) streefden naar de terugkeer naar de eenvoud zoals die bestond in de 15 de eeuw (kunstenaars levend vóór Rafaël.)

Na 1860 ging de beweging geleidelijk over in een vorm van estheticisme, ook wel de 'aesthetic movement' genoemd. Belangrijke exponenten van deze tweede golf waren opnieuw Dante Gabriel Rossetti, Edward Burne-Jones (1833-1898) , William Morris en Frederic Leighton en later ook John William Waterhouse.

De laatste les gaat over 'Moderniteit': Britse kunst na 1900

Home
Voorburg cursussen
Britse Kunst info
Britse kunst teksten
cursussen Naaldwijk
locaties/inschrijven
reis naar Italië
Tieleke Huijbers
Contactformulier